
Analyse: Dave Offenbach, vanuit Stadion Galgenwaard
Het regende in Utrecht, precies zoals Peter Bosz vrijdag hardop had gehoopt, en na negentig minuten stond er 1-6 op het bord en de zon scheen weer. Zes doelpunten, de een nog fraaier dan de ander, tegen een tegenstander die na vier speelronden nog altijd op zijn eerste zege wacht.
Totale controle dus — maar wie de middag van begin tot eind zag, weet dat die controle niet cadeau kwam, en dat er onder de galacijfers twee vragen liggen die er over anderhalve week écht toe doen. Is dit PSV al Champions League-waardig? En staat het vernieuwde elftal al volledig op elkaar ingespeeld?
Bosz wijzigde niets aan de ploeg die Groningen met 5-1 opzijzette; Geertruida, Kostic en Mijnans begonnen op de bank. En net als tegen Groningen kwam PSV vroeg op achterstand: in de zesde minuut brak Utrecht razendsnel uit en liep de achttienjarige Artem Stepanov, drie goals in drie duels, de 1-0 binnen op aangeven van Vesterlund. Vijf minuten later was het alweer gedaan met de Utrechtse vreugde. Een hobbelende bal viel voor de voeten van Ruben van Bommel en verdween beheerst én snoeihard in de verre hoek: 1-1. Vanaf dat moment was het eenrichtingsverkeer. Vlak voor rust bediende Dest Guus Til voor de 1-2, een kwartier voor tijd krulde aanvoerder Mauro Júnior een vrije trap heerlijk binnen, en toen begon het mooiste hoofdstuk: invaller Sven Mijnans, de aanwinst van ruim twaalf miljoen die nog geen minuut had gemaakt, schoot in de 85e minuut een strafschop op de paal — en krulde één minuut later alsnog schitterend raak in de verre bovenhoek. Til maakte in de 88e minuut zijn tweede, Dest tekende in blessuretijd voor het slotakkoord: 1-6. Een uitslag die in de Galgenwaard alleen wordt overtroffen door de twee legendarische 1-7’s, waarvan die van november 1989 — vier goals van Romário — nog altijd de grootste is.
De aanvallende bewijslast is overweldigend. Elf competitiegoals in twee weken, Van Bommel ontketend, Til die weer aan de lopende band scoort, Perisic die op zijn 37e het niveau vasthoudt. Wie zo kan uithalen, hoeft in het miljardenbal — met Shakhtar thuis als opener op 10 september en later Real Madrid, Atlético, Porto en Leipzig op het menu — nergens bang voor te zijn.
Maar Champions League-waardig word je niet van uithalen tegen de nummer vijftien. Het eerlijke verhaal: PSV kwam nu in drie van de vier competitieduels op achterstand, opende het seizoen met puntenverlies tegen Fortuna, en sleepte vorig seizoen de titel binnen met liefst 45 tegendoelpunten — uitzonderlijk veel voor een kampioen, en exact de reden dat Bosz van verdedigen zijn zomerproject maakte. In Utrecht kostten die vijf slordige openingsminuten niets. Tegen Atlético of in Madrid staat zo’n start meteen op het scorebord, en dan niet één keer.
Wie in de Galgenwaard zat en niet alleen naar het scorebord keek, zag bovendien de kleine lettertjes onder de galacijfers. Het rendement uit hoekschoppen bleef laag: veel corners, weinig dreiging — op dit niveau vergeeflijk, in het miljardenbal een verspilde bron van goals. De omschakeling en het passingtempo kunnen strakker en sneller, ook achterin, waar de opbouw tegen de hoge Utrechtse druk in de openingsfase te traag op gang kwam. En achterin blijft de vraag hangen: Flamingo speelde geen slechte wedstrijd, maar oogt van dit viertal de zwakste schakel — niet toevallig precies de positie waarvoor Bosz Geertruida haalde, die er nog altijd naast zit. Bosz benoemde het risico na afloop zelf: “In de eerste helft was er één moment een overname tussen Obi en Ryan die niet goed ging. Meteen werd die jongen op het middenveld aangespeeld en werd het gevaarlijk. Als die afstemming niet klopt, gaan we veel meer kansen weggeven.” De aanval is Champions League-waardig; de eerste twintig minuten, de restverdediging en het rendement uit standaardsituaties zijn dat nog niet.
Nee — en dat is misschien wel het meest veelbelovende van deze 1-6. Kijk naar wie er níét stonden: Geertruida (gehaald als vaste waarde, nog altijd bankzitter), Kostic (één invalbeurt oud) en Mijnans, die vandaag pas zijn eerste minuten maakte. Kijk naar het middenveld, waar Sano twee weken geleden Veermans plek overnam en de twintigjarige Fernandez verrassend Wanner uit de ploeg speelt. Schouten ligt er met een kruisbandblessure lang uit, en terwijl in Utrecht de goals vielen, meldde VI dat PSV en NEC akkoord zijn over Sami Ouaissa — de selectie wordt dus nu nog verbouwd, met de transfermarkt nog een dag open en volgens Rik Elfrink van het Eindhovens Dagblad zelfs nog ruimte voor “een absolute topversterking”.
Een elftal dat middenin die verbouwing de tegenstander met 5-1 en 1-6 van het veld speelt, is niet ingespeeld — het is iets beters: het heeft marge. Mijnans’ pareltje was daarvan het symbool. De man die er nog helemaal niet in zit, beslist binnen een half uur invallen een wedstrijd mee.
Bosz was na afloop vooral tevreden over wat hij “energie” noemt. “Ik had niet heel veel anders verwacht,” opende hij droogjes, om vervolgens uit te leggen waar hij naar kijkt: “Waar ik vooral op let is de energie die een elftal geeft. Het aflopen van hun centrale verdedigers of de keeper, het terugsprinten om een tweede bal te pakken. Die energie was er vanaf het begin. Dat resulteert erin dat een tegenstander op een gegeven moment moe wordt. Er hoeft maar één speler een gat niet dicht te lopen — en dan hebben wij zoveel kwaliteit dat we daarvan profiteren.”
Het mooiste verhaal van de perszaal ging over de gemiste én gemaakte goal van Mijnans. “Alle nemers waren eraf. Met name voor Pepi was het lullig, want die zat net in de dug-out en al die gasten moesten naar hem lachen. Normaal is dat een bal voor hem, en anders neemt Ivan hem — maar die was er ook niet meer,” aldus Bosz. “Ik was heel blij voor hem, want je voelt je toch rot als je zo’n penalty mist. Ik zat precies achter hem toen die bal geschoten werd, ik zag hem helemaal naar de kruising gaan. Geweldige goal. Goede aanname ook.”
Kritiek had de trainer ook, op zijn eigen ploeg: “Dat we die wedstrijd eerder beslissen. Het bleef heel lang 2-1, en ook dat zijn wetten in het voetbal: er hoeft er maar één uit te glijden en het staat 2-2. We hadden eerder afstand moeten nemen van Utrecht.” En op de buitenwereld, toen de vroege seizoenskritiek ter sprake kwam: “Ik hoorde net de vraag aan mijn collega: voel je de druk al? We zijn vier wedstrijden onderweg. Dit is de idiote wereld waarin wij leven. Ik vind het lachwekkend.”
Guus Til, met twee treffers de man van de middag, relativeerde zijn eigen productie op geheel eigen wijze: “Ik maak me pas zorgen als ik geen kansen krijg. Ik vind een individu die goals maakt vaak een beetje overschat in de voetballerij — als je in een team speelt dat goed speelt en veel kansen creëert, maakt het niet zoveel uit wie er scoort. Maar dat ik er vandaag twee maak is desalniettemin erg lekker.” Over de wedstrijd was hij helder: “Zelfs die goal die zij maakten was hun enige schot. Het is ongelukkig dat zij als eerste scoren, waardoor het misschien lijkt dat we het lastiger hadden dan het was. We waren de hele wedstrijd erg dominant. Na die vrije trap van Mauro zag je dat het knapte bij hen.”
En over volgende week: “We kijken allemaal naar Ajax. Ze zijn best prima gestart. Ik kijk ernaar uit — ik denk dat het een heet potje wordt.” Bosz zelf, gevraagd naar de eerste topper: “Ik heb nog niet nagedacht over Ajax. Dat gaan we vanaf dinsdag doen. Maar Ajax-PSV is altijd interessant.”
Zaterdag in de Arena weten we meer. Ajax-uit is de eerste tegenstander die PSV kan afstraffen voor een slaperige openingsfase, en de laatste generale voor Shakhtar. Wordt daar de nul gehouden en de controle ook in de eerste twintig minuten gepakt, dan mag het antwoord op beide vragen volmondig ja worden. Tot die tijd geldt: de heenreis naar het miljardenbal is geboekt, de motor loopt — alleen de choke staat nog open.
FC Utrecht – PSV 1-6 · Eredivisie speelronde 4 · Stadion Galgenwaard (uitverkocht) · zondag 30 augustus 2026, 12.15 uur · Scheidsrechter: Jeroen Manschot (VAR: Martin van den Kerkhof)
Doelpunten: 1-0 Stepanov (6’, assist Vesterlund) · 1-1 Van Bommel (±11’, afstandsschot) · 1-2 Til (vlak voor rust, assist Dest) · 1-3 Mauro Júnior (±75’, vrije trap) · 85’ strafschop Mijnans op de paal · 1-4 Mijnans (86’, afstandsschot) · 1-5 Til (88’) · 1-6 Dest (blessuretijd)
Opstelling PSV (4-2-3-1): Kovár; Dest, Flamingo, Obispo, Mauro Júnior; Fernandez, Sano; Van Bommel, Til, Perisic; Pepi. Bank o.a.: Geertruida, Kostic, Mijnans, Wanner, Gasiorowski, Bajraktarevic, Olij. Afwezig: Schouten (kruisband), Pléa.
Opstelling FC Utrecht (3-4-2-1): Barkas; Ogidi Nwankwo, Offerhaus, Horemans; Zagré, Van den Berg, De Wit, Vesterlund; Cathline, Alarcón; Stepanov. Afwezig o.a.: Paredes (enkel), Van Overeem, Engwanda, Jensen, Ohio, Jonathans, Agougil.
Spelbeeld in cijfers (VI-datafeed, tussenstand tweede helft): balbezit Utrecht 34%, schoten 1 om 15, overtredingen 14 om 5. Bosz bevestigde na afloop dat PSV slechts één schot op doel weggaf — Utrechts enige schot tussen de palen was meteen de 1-0, zoals ook Til vaststelde.
Seizoensbeeld: PSV 10 punten uit 4 duels, twee punten achter het foutloze AZ; in 3 van de 4 competitieduels op achterstand gekomen. Vorig seizoen kampioen met 45 tegendoelpunten. Komend programma: Ajax-uit (zaterdag 5 sept.), Shakhtar-thuis in de Champions League (10 sept.).
Historie: de 1-6 wordt in de Galgenwaard alleen overtroffen door de twee 1-7’s van PSV, waarvan die van 19 november 1989 (vier goals Romário) de grootste is. Utrecht won thuis voor het laatst van PSV in oktober 2019 (3-0, Klaiber, Van de Streek en Maher).

Laatst bijgewerkt : 30 aug 2026 - 15:32